10 november 2017

“Bijna allemaal originele voorwerpen”

 

WAREGEM - Het bezoekerscentrum Hippo.War op de tweede tribuneverdieping van de renbaan, gewijd aan de rol van het paard en de inbreng van de Amerikanen in de Eerste Wereldoorlog, opent zaterdag 11 november de deuren voor het grote publiek. Dat kan zich vergapen aan blikvangers als een nagemaakt paardenhospitaal en de originele sjaal die Charles Lindbergh eind mei 1927 vanuit zijn Spirit of St. Louis gooide. Het naar Waregemse normen indrukwekkende educatieve centrum van 900 vierkante meter kost de stad 2,1 miljoen euro waarvan de helft gesubsidieerd wordt

Eens je de hoofdingang, vlot bereikbaar via de Holstraat voorbij bent, word je meteen in het verhaal van het bezoekerscentrum gezogen door het monumentale beeld van een stervend paard dat tegen prikkeldraad geschurkt ligt, een kunstwerk van Benjamin Gardin uit Koekelare. Maar de aandacht van de bezoeker wordt in het eerste deel van de permanente tentoonstelling, volledig gewijd aan de rol van het strijdpaard in de Eerste Wereldoorlog, getrokken door een nagemaakt paardenhospitaal met omzwachtelde koppen die uit de boxen steken. “Achteraan kan je video’s bekijken die nog extra uitleg geven. Er is behalve typisch paardengeluid ook een geurmodule die je de dieren laat ruiken”, vertelt een trotse schepen van Cultuur Pietro Iacopucci (CD&V).

Overal staan of hangen er grote info- en fotoborden en -doeken met uitvoerige uitleg in het Nederlands en het Engels. “Ook Duitstalige en Franstalige toeristen zullen we niet teleurstellen, want aan de ingang zal voor hen een gids beschikbaar zijn met alle info in hun taal en die zal ook beschikbaar zijn via een speciale webapplicatie.”

Nog in dat eerste deel kan je, ‘ingezadeld’ zoals een echte ruiter, audiofragmenten beluisteren en een hele collectie originele zadels uit de Eerste Wereldoorlog bestuderen. “We hebben maximaal ingezet op authenticiteit. Dat geldt ook voor een paardenskelet dat na de Groote Oorlog in Poperinge werd opgegraven”, geeft stadsarchivaris Thomas Bertrem mee. Hij leidde de historische werkgroep die het bezoekerscentrum vorm gaf. Grafiek Groep uit Brugge stond in voor het ontwerp, terwijl Potteau uit Heule en Ocular uit Zwevezele de aankleding en audiovisuele inrichting voor hun rekening namen.

Ingetogen sfeer

Een korte gang met onder meer afbeeldingen van krantenpagina’s uit die tijd en extra videomateriaal leidt naar het Amerikaans gedeelte, met een meer ingetogen sfeer. Hier heb je geen zicht op de renbaan. “Tachtig procent van deze zaal komt uit de privécollectie van een verzamelaar uit Gent”, lichten Pietro en collega-schepen Chantal Coussement (CD&V) van Toerisme verder toe. “Het absolute pronkstuk is hier de sjaal waarin Charles Lindbergh de bloementuil wikkelde die hij op Memorial Day in 1927 vanuit zijn Spirit of St. Louis richting Amerikaanse begraafplaats gooide.” De link met Flanders Field is hier overigens nooit ver weg. Thomas Bertrem wijst ons op een lange kijkkast met spullen die bezorgd werden door nabestaanden van Amerikaanse oorlogsslachtoffers die er begraven liggen. “Het gaat om brieven en andere documenten, maar ook medailles en zo meer, zaken van wie de families willen dat ze zo dicht mogelijk bij hun geliefde gesneuvelde worden bewaard.”

Toeristen

Schepenen Iacopucci en Coussement benadrukken het belang om toeristen van de ene site naar de andere te gidsen. “Wie naar Flanders Field komt, moeten we ook naar ons bezoekerscentrum lokken en omgekeerd. Vanaf volgend voorjaar zal die link nog veel duidelijker zijn, want dan zullen de 411stoepnagels (verwijzend naar het aantal gesneuvelden en vermisten van wie sprake op Flanders Field, red.) op het traject tussen het bezoekerscentrum en de begraafplaats worden aangebracht. Op allemaal zal de voornaam van een overleden soldaat geschreven staan.”

Ook aan de kinderen is gedacht. Op het einde van de eerste zaal krijgen zij een interactieve quiz voorgeschoteld met vragen over onderwerpen die in de zaal aan bod komen en in het Amerikaanse deel kunnen ze met hun hoofd poseren in een affiche uit de oorlogsjaren en die digitaal naar zichzelf doorsturen. “We laten ook een educatief project aanmaken voor de Waregemse schoolkinderen die hier op bezoek komen”, geeft Chantal Coussement nog mee.

Tijdelijke expo’s

Aan de andere, korte zijde van de hoofdingang is er ruimte voor tijdelijke tentoonstellingen. “We mikken jaarlijks op twee tot drie zulke expo’s en beginnen doen we vanaf volgend jaar met De Bezettering, een tentoonstelling met affiches uit de bezettingsjaren”, weten Pietro en Thomas.

Vrijdagavond wordt Hippo.War plechtig geopend door viceminister-president Hilde Crevits. “Ik denk niet dat we hier meteen de Amerikaanse president Donald Trump moeten verwachten, maar we denken toch heel wat schoolgroepen en toeristen uit de wijde regio aan te trekken”, aldus nog Pietro Iacopucci, die in het eerste bestaansjaar van Hippo.War al hoopt op duizenden bezoekers nog vóór Waregem Koerse. Over Grote Dinsdag gesproken: in die periode tijdens de jaarlijkse sluiting wordt de verdieping verhuurd aan de Koninklijke Waregemse Koersmaatschappij en wordt alles wat niet vast zit tijdelijk opgeborgen. “Maar daar is aan gedacht, want zelfs onder op het eerste gezicht grote kasten staan wielen”, lacht schepen Coussement. Het totale project kost 2,1 miljoen euro, waarvan de Vlaamse overheid 787.000 euro en de provincie 250.000 euro subsidieert. Twee derde van die 2,1 miljoen ging naar de aankoop van de verdieping, de rest naar de inrichting.

www.hippowar.be

Door Tom Van Houtte

Inhoud ↑

Categorie: 
 

Volg mij ook via

twitter

Foto's op Flickr

www.flickr.com
hilde.crevits' items Go tohilde.crevits' photostream