30 maart 2009

“Investeringsmiddelen voor waterzuiveringsinfrastructuur zijn historisch hoog, maar je kan niet alle straten tegelijk openbreken.”

 



PERSMEDEDELING VAN HET KABINET VAN

MINISTER HILDE CREVITS

VLAAMS MINISTER VAN OPENBARE WERKEN, ENERGIE,

LEEFMILIEU EN NATUUR

30 maart 2009

 

 

“Investeringsmiddelen voor waterzuiveringsinfrastructuur zijn historisch hoog, maar je kan niet alle straten tegelijk openbreken.”

 

Deze Vlaamse Regering is een investeringsregering, ook op het vlak van waterzuivering. Minister Hilde Crevits heeft begin 2009 het investeringsprogramma aan de NV Aquafin opgedragen ten belope van 250 miljoen euro. Ook de subsidies voor de aanleg van de gemeentelijke rioleringen werden voor de 2de keer op rij met 25 miljoen euro opgetrokken tot bijna 120 miljoen euro. De gemeentelijke rioolbeheerders van hun kant kunnen jaarlijkse zo’n 300 miljoen euro inkomsten genereren door de reorganisatie van de watersector. Het komt er nu in de eerste plaats op aan om de vrijgemaakte middelen zo snel, effectief en efficiënt mogelijk in te zetten. Hiervoor zijn een aantal belangrijke instrumenten op de rails gezet zoals de zoneringsplannen, uitvoeringsplannen, het handhavingsdecreet en het ecologisch en economisch toezicht. Met de mobilisatie van de investeringkredieten en het adequate instrumentarium is de basis gelegd om het komende decennium in alle Vlaamse beken en rivieren een goede waterkwaliteit te halen.

 

Deze legislatuur zijn de publieke investeringen in de waterzuiveringsinfrastructuur sterk verhoogd. Vlaanderen had immers een belangrijke achterstand in te halen. In 2004 werd een investeringsprogramma opgedragen aan de NV Aquafin van 100 miljoen euro, op dit moment en voor de komende 6 jaar zal dit 250 miljoen euro bedragen: een stijging met 150%. De jaarlijks beschikbare middelen voor de subsidiëring van de gemeentelijke rioleringen bedroegen begin 2004 zo’n 67 miljoen euro, vanaf 2009 is dit bijna 120 miljoen euro: een stijging met 75%.

 

De resultaten op het terrein van de geleverde inspanningen worden meer en meer zichtbaar. Twee weken terug werd de laatste grote waterzuiveringsinstallatie in Tervuren opgestart. Deze installatie was het sluitstuk voor de zuivering van de agglomeraties van meer dan 10.000 inwoners.

 

Dat deze zware investeringen in infrastructuur beginnen te lonen wordt ook meer en meer duidelijk. In rivieren zoals de Leie en de Zenne – tot voor kort open riolen - zwemt er ondertussen opnieuw vis. Voor de Zenne was dit 70 jaar geleden!

 

En de mensen beginnen het ook met hun eigen ogen te ervaren dat onze inspanningen lonen. Een EU-peiling gaf aan dat bijna de helft van de Vlamingen geloven dat de waterkwaliteit ook effectief verbeterd is de afgelopen 5 jaar.

 

Maar deze hoopgevende berichten zijn geen signaal om op onze lauweren te rusten. Integendeel, we moeten nog enkele tandjes bijsteken zodat in het volgende decennium alle Vlaamse Waterlopen een goede waterkwaliteit bereiken. Daarom is het investeringsprogramma in de waterzuiveringsinfrastructuur uitgevoerd door de NV Aquafin op voorstel van minister Crevits eind vorig jaar van 150 miljoen euro per jaar opgetrokken naar 250 miljoen euro per jaar. Bovendien heeft minister Crevits de subsidies voor de aanleg van de gemeentelijke rioleringen in 2008 en 2009 telkens met 25 miljoen euro opgetrokken. Dit maakt dat de gemeenten jaarlijks bijna 120 miljoen euro aan subsidies ontvangen voor de aanleg van rioleringen. Daarenboven kunnen de gemeenten via de ééngemaakte waterfactuur jaarlijks zo’n 300 miljoen euro innen, die aangewend wordt voor waterzuiveringsinfrastructuur.

 

Er zijn in Vlaanderen nog nooit zoveel middelen vrij gemaakt voor de waterzuivering. Het komt er nu vooral op aan om de middelen zo snel, efficiënt en effectief mogelijk in te zetten. Hiervoor werden de nodige instrumenten op de rails gezet. De afgelopen jaren heeft elke gemeente een zoneringsplan opgemaakt én goedgekeurd. Momenteel zitten we in de fase van opmaak van de gebiedsdekkende uitvoeringsplannen. Daarin staat welke projecten er prioriteit hebben, wanneer ze dienen uitgevoerd te worden en wie de verantwoordelijkheid op zich zal nemen. In Vlaanderen kan je immers niet alle straten tegelijk openbreken. Er wordt nu bij de aanleg al op toegezien dat de hinder voor de omwonenden minimaal is. De aannemers, die best scoren bij de “minder hinder”-aanpak, worden daarvoor beloond.

 

De VMM moet als economisch en ecologisch toezichthouder er op toezien dat alles in de juiste banen geleid wordt. Via de uitvoering van het handhavingsdecreet tenslotte wordt een instrument gecreëerd om een correcte aansluiting op de riolering ook effectief te kunnen afdwingen.

 

“De afgelopen jaren hebben we enorme inspanningen geleverd om de historische achterstand op het vlak van waterzuivering in te halen. De middelen die uitgetrokken worden voor de waterzuivering liggen nu op een historisch hoog niveau. Het komt er nu op aan om deze middelen snel, effectief en efficiënt in te zetten. De reorganisatie van de watersector heeft er voor gezorgd dat de verschillende spelers in de watersector nauwer met mekaar zijn gaan samenwerken wat tot schaalvoordelen en synergieën leidt. Bovendien werden er een aantal instrumenten, zoals zoneringsplannen, uitvoeringsplannen, handhaving en toezicht op de rails gezet. Dit alles samen maakt dat we gewapend zijn om, zoals opgenomen in het pact 2020, het volgende decennium overal in Vlaanderen een goede waterkwaliteit te bereiken”, besluit minister Crevits.

 

Persinfo:

 

Cybelle-Royce Buyck

woordvoerster van Vlaams minister Hilde Crevits

persdienst.crevits@vlaanderen.be

www.hildecrevits.be

Categorie: 
 

Volg mij ook via

twitter

Foto's op Flickr

www.flickr.com
hilde.crevits' items Go tohilde.crevits' photostream