30 juni 2017

Vrijheid van onderwijs is geen vrijblijvendheid

 

Vandaag ontvangen meer dan 1 miljoen leerlingen in Vlaanderen hun rapport. Bij de meesten zal dit spannende moment leiden tot spontane vreugdedansjes en het gelukzalige gevoel 'geslaagd' te zijn, een welverdiende grote vakantie in het vooruitzicht. Voor anderen zal het helaas de aanleiding zijn tot groot verdriet en de kortstondige indruk dat de wereld instort. Maar wat het finale verdict ook moge zijn, voor elk van hen zullen er leerkrachten, directies, zorgjuffen, leerlingbegeleiders of medewerkers van het CLB klaarstaan om de nodige uitleg en ondersteuning te bieden en te helpen om samen met de ouders de juiste keuzes te maken met het oog op de toekomst.

 

Want als ons onderwijs de voorbije decennia in iets geëvolueerd is, dan is het wel in de focus op maatwerk: zorg en ondersteuning, preventief en curatief, differen- tiatie en remediëring, studiekeuze en oriëntering, inspraak en participatie, ... Onderwijs vandaag mikt niet langer op de gemiddelde leerling. Gelukkig maar, want de gemiddelde leerling bestaat niet. Het doel vandaag is het best mogelijke onderwijs bieden voor élk kind op basis van zijn talenten, interesses en mogelijkheden.

Daarvoor zijn een aantal innovaties noodzakelijk. Het M-decreet met het nieuwe ondersteuningsmodel is er zo een. Sinds 2014 hebben kinderen met een bijzondere zorgnood het recht, niet de plicht, les te volgen in het gewoon onderwijs mits redelijke aanpassingen in de school volstaan om die zorg te bieden. Sindsdien zijn er over heel Vlaanderen zo'n 4.000 leerlingen extra, gemiddeld twee per basisschool, ingestroomd in het gewoon onderwijs.

Extra middelen

Ook de middelen gingen mee. Vanaf volgend jaar komt er meer dan 15 miljoen euro bij, waardoor we jaarlijks ruim 107 miljoen investeren om de noden van leerlingen op te vangen. 300 extra begeleiders zullen leerlingen én leerkrachten bijstaan. Op die manier moeten álle kinderen de nodige zorg genieten, ook kinderen die vandaag nog geen aangepaste begeleiding krijgen. De zorg wordt daar ingezet waar ze het meest rendeert: op de klasvloer.

Daarom zullen de middelen voor 70 procent verdeeld worden op basis van het totale aantal leerlingen en voor 30 procent op basis van het aantal kinderen met een specifieke zorgnood. Daarom ook vertrekken we niet langer van een duur en vaak moeilijk te verkrijgen medisch attest, maar wel van de reële zorgnood van een kind. Die wordt niet langer vanuit Brussel bepaald volgens op voorhand vastgelegde tabellen, maar wel lokaal en in nauw overleg met de ouders, de scholen en het CLB. We stappen af van rigide regels die dicteren dat een bepaald attest automatisch leidt tot een bepaald aantal uur gedurende een bepaald aantal jaar, maar we kijken naar de effectieve behoefte van leerlingen en werken op maat.

Dat kan gaan van het aanpassen van de klasinrichting om een kind met autisme een rustige leeromgeving te bieden, over aanpassingen aan de lay-out van cursusmateriaal en toetsen om kinderen met dyslexie alle kansen te geven, tot het maken van collegiale afspraken over de aanpak van een leerling met een gedragsstoornis. Telkens zolang het kind het nodig heeft en in de mate waarin het het nodig heeft.

De bal rolt

De bal ligt nu in het kamp van de scholen, en hij rolt! Er zijn intussen 26 netwerken gevormd, 12 daarvan zijn al netoverschrijdend. Zoals gewoonlijk maakt de grote dynamiek en inzet van het onderwijsveld de ergste doemberichten over een nieuwe 'schoolstrijd' ongedaan. Net zoals scholen verspreid over heel Vlaanderen vandaag al in de geest van de modernisering van het secundair onderwijs een geheel eigen schoolconcept uittekenen op maat van hun schoolcontext, wordt ook nu al op vele plaatsen uitstekend samengewerkt en expertise gedeeld tussen scholen uit het gewoon en het buitengewoon onderwijs.

Vrijheid

Onze grondwettelijke vrijheid van onderwijs heeft ertoe geleid dat het Vlaamse onderwijs wereldtop is en leerlingen en ouders vandaag het onderwijsproject kunnen kiezen dat hen het nauwst aan het hart ligt. Maar vrijheid is geen vrijblijvendheid. Het kader ligt er, de regels zijn vastgelegd, de middelen zijn er. Ik roep alle krachten in het onderwijsveld dan ook op verder werk te maken van die samenwerking in het belang van het kind. Ik koester het volste vertrouwen in de kracht en de verantwoordelijkheid van onze scholen en onderwijsmensen om ook in de toekomst het best mogelijke onderwijs te garanderen voor elk kind.

Dat veranderingen onrust en weerstand oproepen, is begrijpelijk en ook logisch, zeker als het een domein als onderwijs betreft, en dan nog eens de meest kwetsbaren in dat onderwijs. Elk verhaal over een kind dat door een hervorming uit de boot dreigt te vallen, is er dan ook een te veel en moet met alle zorg en toewijding bekeken worden.

Toch is het belangrijk dat we ook in dat debat de zin voor perspectief en nuance niet uit het oog verliezen en het kind niet weggooien met het badwater.

Hilde Crevits

 

Vlaams minister van Onderwijs (CD&V)

Categorie: 
 

Volg mij ook via

Foto's op Flickr

www.flickr.com
hilde.crevits' items Go tohilde.crevits' photostream

twitter